Animals II

Animals II

Met dieren kun je ontzettend veel doen in je Engelse les. Denk bijvoorbeeld aan boerderijdieren bij het liedje ‘Old Mac Donald had a farm’ of aan huisdieren bij het liedje ‘I have a pet’ (allebei van super simple songs).

LEES OOK: ANIMALS

Tijdens de Nationale Voorleesdagen van 2018 was ´Ssst, de tijger slaapt!´ het prentenboek van het jaar. Een geweldig boek over enkele dieren die de tijger niet wakker willen maken, maar toch langs hem heen moeten. Het originele boek is in het Engels geschreven en o.a. te koop bij Bol.com. Ideaal om voor te lezen in de onderbouw én om er gelijk een Engelse les omheen te maken. In deze blog geef ik wat ideeën.

Voordat je gaat voorlezen

-Laat de voor- én achterkant van het boek zien en stel enkele vragen: ´What animals do you see?´, ´What is the tiger doing?´, ´What colour are the balloons?´. Leerlingen mogen in het Nederlands antwoorden, maar sommigen kennen vat ook al wel wat Engelse woordjes.

-Print en lamineer flashcards van de volgende dieren: tiger, mouse, frog, stork, fox, tortoise. Laat de plaatjes zien aan de leerlingen en vertel ze dat deze dieren voorkomen in het boek: ´This is a tiger. He is sleeping. This is a frog. He wants to pass the tiger, but he doesn´t want to wake him up. How will he do that? And this is a fox. And this tiny animal is a mouse. Let´s find out how these animals will pass the tiger, without waking him up.´

Tijdens het voorlezen

Heb je het boek niet op school? Het wordt op een leuke manier voorgelezen in dit filmpje: Don’t wake up tiger!

Heb jij vergevorderde of (near-)native speaking leerlingen in je groep? Of leerlingen die het Engelse boek al kennen? Geef ze dan een extra opdracht vooraf, zodat ze toch geconcentreerd luisteren. Je kunt ze bijvoorbeeld de flashcards geven, zodat ze deze op volgorde moeten leggen of omhoog moeten houden als ze het woord horen. Kunnen ze al een beetje lezen? Laat ze dan de grote, dikgedrukte woorden hardop meelezen.

Heb je een knuffeltijgertje? Gebruik deze dan tijdens het voorlezen, want de leerlingen moeten over zijn neus aaien, over zijn buik wrijven en de tijger in slaap wiegen met een slaapliedje. Heb je geen knuffeltijgertje? Dan is er vast wel een leerling die tijger wil spelen!

Na het voorlezen

-Geef alle leerlingen een naam van een dier dat in het boek voorkomt. Zo krijg je een aantal frogs, storks, mice, foxes and tortoises. Jij roept de naam van een dier en die leerlingen wisselen van plek. Als je ´The tiger is awake!´ roept, wisselen alle leerlingen van plek.

-Geef alle leerlingen een naam van een dier dat in het boek voorkomt, inclusief de tiger. Jij roept de naam van een dier en geeft er een opdracht bij: ´All the frogs: jump!´, ´All the storks: fly´, ´All the tigers: roar!, ´All the mice: eat cheese!´, ´All the tortoises: fall asleep!´, ´All the foxes: turn around!´. Doe de gebaren eerst voor als je denkt dat de leerlingen dit nog lastig vinden. Je kunt ook tijdens het spel de gebaren nog voordoen.

-Eén leerling is de tijger en ligt te slapen op de grond. Zijn klasgenootjes gaan om de beurt (in kleine groepjes) zachtjes langs of over hem heen, doordat jij opdrachten geeft: ´All the frogs pass the tiger. Sssh, do it quietly. You don´t want to wake him up!´

-Houd een flashcard omhoog en zeg expres een fout woord. Dus bij het plaatje van de ´frog´, zeg je ´stork´. Leerlingen moeten gaan staan als je een fout woord zegt, maar blijven zitten als het woord overeenkomt met het plaatje.

Meer ideeën vind je hier: schoolbordportaal en hier: Juf Maike . Dit zijn ideeën voor een Nederlandse les, maar makkelijk om te vormen tot Engels.

Vooraf

Bij dit vrolijke liedje van Super Simple Songs kunnen leerlingen lekker bewegen. Je hebt twee extra flashcards nodig: monkey en toucan. Vertel de leerlingen (in het Engels) dat jullie naar de jungle gaan en daar verschillende dieren horen: ´We are going to the jungle and we will hear some animals. What kind of animals live in the jungle?´ (Laat de leerlingen met dierennamen komen om zo hun voorkennis te activeren).´We are going to hear a frog, a monkey, a toucan and a tiger. What sounds do these animals make? What sound does a frog make? Who knows? Who is afraid (scared) of a frog? And are you afraid of a toucan?´ Kortom: je vertelt een verhaaltje over het liedje en laat in dit verhaal de belangrijkste woorden voorbij komen.  

Als je de flashcards van de dieren hebt laten zien en het geluid erbij hebt gemaakt, zing je het liedje langzaam voor:  De tekst kun je hier downloaden. Je kunt tegelijkertijd de bewegingen erbij maken. Zelf laat ik mijn leerlingen meestal gelijk meedoen, maar je kunt er ook voor kiezen om ze eerst even te laten kijken.

Zingen & dansen

Hang de flashcards op de juiste volgorde op of leg ze op de grond in de kring. Nu zet je het liedje op (maar je laat de beelden nog niet zien). De leerlingen maken een kring en gaan lopen, stampen, springen en hinkelen terwijl ze proberen mee te zingen.

Als je het liedje gezongen en uitgebeeld hebt, laat je de video zien op het digibord.

Achteraf

Na het zingen en dansen, kun je de leerlingen rustig aan hun tafeltje laten werken. Dit kan met behulp van knutselwerkjes (bijvoorbeeld vingerpoppetjes maken van het verhaal of het liedje) of werkbladen.

Headbands : Leerlingen knippen en kleuren een dier uit het liedje en zetten die een hoofdband. Nu kunnen ze het liedje naspelen.

Gap fill lyrics: Leerlingen die al een beetje Engels kunnen lezen vullen de juiste woorden in op de lege plekken van het liedje.  De woorden staan bovenaan het werkblad. Door het liedje zachtjes in hun hoofd te zingen, krijgen de meeste leerlingen dit prima voor elkaar.

How many steps: Moeten sommige leerlingen nog oefenen met tellen? Dan is dit eenvoudige werkblad handig.

Colour, fing and write: Op dit werkblad kunnen leerlingen eerst de dieren kleuren, eventueel uitknippen en dan op de goede plek zetten en de naam erbij schrijven.

Eindig de les (of lessenreeks) door het boek nogmaals interactief voor te lezen en / of het liedje nogmaals te zingen.

2018-04-13T10:29:42+00:00