Rekenen in het Engels (deel 1)

/, Numbers & Maths/Rekenen in het Engels (deel 1)

Rekenen in het Engels (deel 1)

Of je nu lesgeeft in de onder-, midden- of bovenbouw, rekenen in het Engels kan in alle groepen en is geschikt voor iedere leerling. Het kan variëren van eenvoudig tellen tot het oplossen van ingewikkelde sommen. In deze blog, maar ook in deel 2 en deel 3, geef ik je een groot aantal tips om met jouw klas te rekenen in het Engels. 

1. Liedjes op YouTube: Typ de zoekterm ´numbers efl´ of ´numbers esl´ in en je zult versteld staan van het aantal liedjes dat tevoorschijn komt. Afhankelijk van wat de leerlingen al weten, kun je met behulp van liedjes tellen tot 10, 20, 100 en zelfs 1000. Een hele leuke is die van kidstv123: the big numbers song, waarin wordt doorgeteld door 1 triljoen. Wil je de spelling van de getallen tot tien oefenen? Kijk dan met je klas naar deze rap: Numbers words rap. Voor de allerkleinsten is Ten littles fishies (van Super Simple Songs) een heel schattig liedje.

2. Let´s count together: Laat de leerlingen in een kring staan en om de beurt, op volgorde, een getal tot twintig noemen. Degene die ´five´ of ´fifteen´ heeft, moet gaan zitten. Als je bij 20 bent, begint de groep weer opnieuw met tellen. Hoe kleiner het groepje wordt, hoe sneller het tellen moet gaan. Welke leerling blijft er uiteindelijk over? Een spannend en simpel spel dat puur met geluk te maken heeft.  Je kunt natuurlijk elk willekeurig getal nemen, maar ´fifteen´ is handig, omdat deze meestal verkeerd wordt uitgesproken (namelijk als fiveteen).  Door steeds even te stoppen bij ´fifteen´, blijft de uitspraak beter hangen.

Je kunt dit spel variëren door maar tot tien te tellen of juist nog wat verder, bijvoorbeeld tot dertig. Ook kun je ervoor kiezen om de leerlingen die het getal niet weten, te laten zitten. Zeker als ze al een aantal lessen over dit thema hebben gehad en er dus mee geoefend hebben.

LEES OOK: REKENEN IN HET ENGELS (DEEL 2)

3. What´s the result?: Leg de betekenis van ´plus´, ´equals´ en eventueel ´minus´ uit, zodat je sommetjes kunt geven. Dit kun je op twee manieren doen: je wijst iemand aan, geeft een som (four plus one equals…?) en de leerling geeft de oplossing in het Engels. Een andere manier is de leerlingen een kaartje te geven met daarop een getal (iedere leerling heeft een ander getal). Jij geeft wederom een som, maar alleen degene met het juiste kaartje, mag het antwoord geven. Het voordeel hiervan is dat iedereen meedenkt. Bedenk de sommen van tevoren, zodat elke som een uniek antwoord heeft (bijv. 1 tot en met 20 bij een klas van 20 leerlingen). Geef de makkelijke sommetjes aan leerlingen die nog niet zo goed kunnen rekenen of laat leerlingen in tweetallen werken. Uiteraard kun je deze werkvorm ook in de bovenbouw doen met moeilijkere sommen.

4. Bingo: Laat de leerlingen hun eigen bingokaart maken. Jij roept de getallen in het Engels, zij kruisen af. Leerlingen die al verder zijn, kun je een bingokaart geven met daarop de getallen voluit geschreven. Het woord ´eight´ is toch net wat lastiger te vinden als het getal ´8´.

numbers5. Spell the numbers!: Als je de spelling van getallen wil oefenen, kun je op internet genoeg werkbladen vinden, maar voor de volgende opdracht is geen werkblad nodig:  Geef de leerlingen per tweetal een envelop met losse letters. Je vertelt hen dat ze van al deze letters zes getallen kunnen maken. Je schrijft de getallen op het bord (niet voluit, maar gewoon als getal!), bijvoorbeeld: 1, 5, 3, 8, 12,17. Het is aan de leerlingen om deze getallen nu voluit neer te leggen m.b.v. de losse letters. Wie is het snelst en wie doet het foutloos?

LEES OOK: REKENEN IN HET ENGELS (DEEL 3)

6. Memory: Maak combinaties met dezelfde getallen (3-3) of met getal-spelling (3 – three). Je kunt ook levend memory spelen, waarbij de leerlingen uit de groep een nummer moet zeggen en twee leerlingen moeten raden wie erbij elkaar hoort. Dit kun je moeilijker maken door niet met getallen, maar met sommetjes te werken.

2018-03-11T15:46:15+00:00