Met dit´reactiespel´ kunnen leerlingen spelenderwijs de Engelse woordjes oefenen bij het thema ´clothes´. Het is goed te gebruiken aan het eind van de oefenfase: Leerlingen zeggen de zinnetjes die op hun kaartje staan. Het spel bevat 35 verschillende kaarten. Elke kaart heeft 2 korte zinnetjes waarin de woorden zijn verwerkt: ´I´m wearing… Who´s wearing…?´. De bedoeling is dat leerlingen goed naar elkaar luisteren, zodat ze weten wanneer ze zelf hun kaartje moeten voorlezen. Bij een kleinere klas geef je sommige leerlingen 2 kaartjes.

Als je het spel in kleur uitprint, op donker papier plakt en lamineert, kun je het jarenlang te gebruiken in diverse groepen.

Woorden die in het spel voorkomen: BELT, BLOUSE, BOOTS, CAP, CARDIGAN, COAT, DRESS, FLIP FLOPS, GLASSES, GLOVES, HAT, HOODIE, JACKETS, JEANS, JUMPER, LONG SLEEVE SHIRT, MITTENS, PYJAMAS, RAINBOOTS, SANDALS, SCARF, SLIPPERS, SHIRT, SHOES, SHORTS, SKIRT, SNOWBOOTS, SOCKS, SUIT, TIE, T-SHIRT, TRAINERS, TROUSERS, VEST, WATCH.

Dit spel is goed te gebruiken nadat je hebt geoefend met Flashcards Clothes, Bingo Clothes, Memory Clothes of Domino Clothes. Een eenvoudigere variant (meer plaatjes en minder woorden) van dit spel vind je hier: Reactiespel Clothes onderbouw.